|
over de weg
Tot het begin van de 19e eeuw is de infrastructuur in Twente slecht. De
economische ontwikkelingen van andere delen van Nederland, met name Holland,
zijn aan "De Graafschap" (Twente en de Achterhoek) voorbijgegaan. De boeren
telen zelf de gewassen die ze nodig hebben; handel is voornamelijk
ruilhandel. Het vervoer geschiedt per kar of paard en wagen; of over het
water. De wegen zijn voornamelijk voet- of ruiterpaden en op zijn best
karresporen, die 's winters meestal ook nog slecht begaanbaar zijn. Er zijn
twee belangrijke doorgaande routes: (1) Zwolle - Heino - Raalte - Wierden -
Almelo en (2) Deventer - Holten - Markelo - Goor - Delden - Hengelo. In 1827
komt de straatweg Deventer - Hengelo gereed en in 1839 de straatweg Zwolle -
Almelo - Hengelo - Enschede. De vele tollen (Zwolle - Almelo: 12 tollen)
maken het transport duur en geven veel oponthoud, de voerlieden kunnen er
o.a. de nodige drank tot zich nemen. In 1835 vestigt zich het vervoerbedrijf
Van Gend & Loos in Twente. Dit bedrijf biedt vanaf 1939 een dagelijkse
diligencedienst van Münster via Hengelo naar Deventer. De aanleg van de
spoorwegen betekent rond 1860 het einde van het diligencevervoer. Van Gend &
Loos gaat later intensief met de spoorwegen samenwerken, en verzorgt o.a.
het vervoer van pakketten.
Na 1920 worden nieuwe, brede singels om de stadskern van Enschede aangelegd.
Er worden gescheiden rijbanen aangelegd, zodat er later een tramlijn in de
middenberm kan worden gelegd. Deze tramsporen zijn echter nooit aangelegd.
In de jaren '20 komen zeer veel particuliere busvervoersbedrijven op, die
zich toeleggen op het vervoer van vracht en reizigers.
over het water
Twente kent een aantal stroompjes, die alle op de rivier de Regge uitmonden;
de waterwegen staan dan ook als het Reggestelsel bekend. Ter verbetering
wordt in 1771/1772 van Enter naar Delden (Carelshaven) de Twickelervaart
gegraven door de eigenaar van kasteel Twickel, Carel George, graaf van
Wassenaer Obdam. Het kanaal doet dienst tot 1873, waarna de haven wordt
dichtgegooid. De bevaarbaarheid van het Reggestelsel laat te wensen over. 's
Winters overstromen grote delen land, waardoor de rivier soms meer dan een
kilometer breed wordt. 's Zomers is er vaak zo weinig water, dat de rivier
op meerdere plaatsen droog staat. Bij laag water kunnen de kleine schepen,
zompen, nog minder vracht meenemen. In 1855 en 1858 worden de kanalen van
Zwolle naar Almelo met een zijtak via Raalte naar Deventer geopend. Enschede
blijft vanwege haar hoge ligging over het water onbereikbaar, waardoor de
stad op de aanleg van spoorwegen blijft aandringen.
Sinds 1914 zijn de ontwerpen gereed voor het aanleggen van de Twentekanalen;
in 1928 valt het besluit tot aanleg over te gaan. In 1930 begint men met
graven vanaf de IJssel te Zutphen. In 1933 wordt de sluis bij Eefde geopend.
In 1934 wordt Goor bereikt; in 1935 de haven in Hengelo en in 1936 het
traject Hengelo - Enschede. De tak van Wiene naar Almelo wordt in 1938
geopend.
per spoor
Nadat de steeds sterker groeiende textielindustrie is overgegaan op
stoomkracht is de komst van de spoorwegen naar Twente een dringende noodzaak
geworden. Want spoorwegen betekenen goedkope kolen, minder productiekosten
en dus meer concurrentiemogelijkheden. In 1866 komt de Staatsspoorlijn
Zutphen-Hengelo-Enschede tot stand.
met de tram
In 1904 wordt te Enschede de "Twentsch Electrische Tramwegmaatschappij" (T.E.T.)
opgericht, die in 1908 een tramlijn opent tussen Enschede en Glanerbrug. De
laatste halteplaats is bij het Redemptoristenklooster vlak voor de grens. De
tramlijn blijft gehandhaafd tot 1933, daarna rijden er bussen.
per vliegtuig?
Van 28 september tot 2 oktober 1910 is de bevolking voor het eerst in de
gelegenheid kennis te maken met het opstijgen en landen van een vliegtuig.
De Belg Jan Olieslagers geeft op een weiland achter de Dommert aan de
Gronausestraat een demonstratie met zijn machine. |