|
februari 2002 - Ons Clubje 75 jaar
Het eerste team van de Glanerbrugse korfbalvereniging Ons Clubje speelde van
1974 tot 1992 bescheiden maar constant in de derde klasse van de
Koninklijke Nederlandse Korfbal Bond. Met een onderbreking van
één jaar: 1976. Toen degradeerde het eerste één seizoen naar de
Overijsselse Korfbal Bond. Reden van deze eenjarige degradatie:
de bouw van het nieuwe clubhuis. Er moest worden getimmerd en
gemetseld. De trainingavonden werden door de selectiespelers dan
ook gebruikt om de vlotte voortgang van de bouw van ’t Korfke realiseren. Dat was even belangrijker dan de korfbalprestaties.
Vriendschap, saamhorigheid en clubliefde vormen de basis van deze hechte
familieclub. Al 75 jaar.
Glanerbrug – Lenie Doeven (61 jaar) en Riki Lok (73 jaar) zijn samen op de
kop af 106 jaar lid van Ons Clubje. Riki Lok was 17 toen haar nichtje Riekie
Burink haar vlak na de oorlog als lid opgaf. ‘Ik kreeg van mijn nichtje een
zwarte rok, een witte blouse en gymnastiekschoenen,’ schetst Riki Lok die
zelf vindt dat ze niet bepaald een korfbaltalent was. ‘We hadden thuis niks,
we waren met z’n zevenen. Jarenlang hebben we met een vaste groep meiden in
het eerste gspeeld. Allemaal vriendinnen. Op een gegeven moment bleef ik
echter als enige over, omdat de andere meiden allemaal verkering kregen.’
In huize Doeven aan de Ekersdijk draaide alles om korfbal. Het was een echte
familieaangelegenheid. Vader Doeven was in de jaren 30 en 40 voorzitter.
‘Mijn vader was lid van het eerste uur. Hij kon in 1927 niet bij de
oprichting aanwezig zijn, omdat hij toen in militaire dienst was,’ vertelt
Lenie Doeven. ‘Als kind werd het korfbal je met de paplepel ingegoten. Mijn
broer Harry was al op zijn tiende actief. Zelf heb ik altijd voor de lol
gespeeld en nooit gespeeld om te winnen. Ik kwam in het eerste omdat er te
weinig dames waren. En je mocht vooral niet ziek worden. In de winter
speelden we nog buiten. Je ging zelfs met een griepje het veld in. Na afloop
kwam je er opgeknapt weer uit.’ Lenie weet nog dat Ons Clubje in het begin
een eliteclubje was van vooral Glanerbrugse ondernemers.
Op 13 februari 1927 richtten de ondernemende dames Riek van der Meulen, Mien
Kooi, Gerrie Dapper en Truus Kuiper de korfbalvereniging Oefening Baart
Kunst op. Als trainer werd oud-DOS speler Gerrit Keeler aangetrokken. De
clubkleuren zwart-wit kwam tot uiting in een wit shirt (heren) of witte
blouse (dames) en een zwarte broek (heren) of zwarte rok (dames). Ook werd
in de eerste jaren gespeeld in lange kousen. Bovendien schreef de bond toen
het dragen van een muts voor. En afgezakte kousen leverde in die tijd zonder
meer een waarschuwing op van de scheidsrechter. Na twee jaar veranderde OKB
in Ons Clubje omdat er nog een vereniging met dezelfde naam was. Het eerste
jaar werd er met drie twaalftallen aande competitie deelgenomen. In die
begin jaren werd het eerste team onder leiding van Gerrit Keeler kampioen en
promoveerde naar de toenmalige eerste klasse van de Overijsselse Korfbal
Bond. Het afscheid van trainer-speler Gerrit Keeler betekende het einde van
de successen van de Glanerbrugse korfbalclub in de eerste jaren. Ons Clubje
kon in de jaren 30 het hoofd met pijn en moeite boven water houden. Ook na
de oorlog waren er problemen om een volledig twaalftal in het veld te
krijgen. Mede als gevolg van het ontberen van een eigen accommodatie. Eerst
speelde Ons Clubje bij bad Scheffer, ook wel bad Bosman genoemd aan de
Tolstraat. Van 1956 tot 1965 werd er op een weiland aan de Nieuw
Frieslandstraat gespeeld. ‘We speelden op een stoppelveld,’ herinneren Riki
Lok en Lenie Doeven zich. ‘Eerst kleedden we ons bij café Muller aan de
Veldstraat om. Maar toen we daar niet meer terecht konden werd het bijhok
van de familie Luider aan de Nieuw Frieslandstraat als ‘kleedruimte’
gebruikt. We moesten ons wassen in zinken kommen. Later kregen we een
caravan, zo’n eitje, langs het veld om ons om te kleden. Door het vocht
groeide er al gauw schimmel en paddestoelen aan de binnekant. De familie
Eman, ook uit de Nieuw Frieslandstraat, bracht ons thee in de rust. Daar
haalden de jongens na de wedstrijd ook het water om ons te wassen,’ aldus
Doeven en Lok.
Toen werd het weiland/terrein in 1965 werd verkocht moest Ons Clubje weer
het veld ruimen. Nog voordat de korfballen hun definitieve stek aan de
Ekersdijk kregen werd er nog gespeeld aan de Rechterlaan, op het Bultserve
en bij de manege aan de Slankweg op het Dolphia. Eind 1965 kreeg Ons Clubje
een weide toegewezen. Eindelijk een eigen terrein dachten de Glanerbrugse
korfballers. Groot was de teleurstelling toen bleek dat de weide met
afwateringssloten en een grote drinkwaterkuil alle behalve geschikt was om
te korfballen. Het zwerversbestaan werd dus nog een paar jaar voortgezet. .
Pas in 1968 kwam er een einde aan het nomadenbestaan van de club. Dankzij de
gigantische inzet van de vele vrijwilligers kon de drassige weide worden
omgetoverd in een korfbalveld. Een omgebouwde directiekeet fungeerde als
kantine, kleedkamers en toiletten. Omdat er door de leden tot ’s avonds laat
aan de accommodatie werd gewerkt werd er op het sportieve vlak weinig
gepresteerd.
Maar nu de accommodatie voldeed kwam de vereniging wel weer tot bloei. Mede
dankzij de inspanningen van de van Rigtersbleek overgekomen Bertus Vink
promoveerde Ons Clubje in het seizoen ’75 – ’75 naar de derde klasse van de
K.N.K.B. Lenie Doeven bleef in die tijd ook als getrouwde vrouw deel uit
maken van het eerste. ‘Gelukkig hield Bertus er rekening mee als ik na een
bevalling weer begon te trainen,’ vertelt Lenie Doeven. ‘Bij Bertus moest je
altijd veel rondjes lopen om het veld. Hij trainde veel op conditie. Maar
hij zei dan tegen mij ‘Lenie jij mag het vanavond wel rustig aan doen’. Maar
na de vierde bevalling heb ik het maar laten zitten en ben er niet meer aan
begonnen.’ Tot 1992 speelde de club constant in de derde klasse. Alleen in
1976 degradeerden de korfballers dus één seizoen naar de OKB. Op dit moment
neemt Ons Clubje met vier seniorenteams, een aspiranten- en een pupillenteam
aan de competitie deel.
Glanerbrug, 11 februari 2002, Jenne Smit |